DANIËL DEE

,,

Lofzang op de survival of the fittest

Ik ben uitermate geschikt voor dit tijdsgewricht. Apathisch als ik ben weet ik dat er geen empyreum is.

Een betere samenloop van omstandigheden bestaat er niet: mijn zelfverworven egocentrisme in een periode die er om smeekt.

Honderddertig in de bebouwde kom is nog steeds een snelheid voor mietjes. Ik houd van de geur van fijnstof in de ochtend. Laat baby's maar de kanker in- en uitademen. Dat is goed voor de doorstroom. Er zijn er intussen toch veel te veel.
Uiteindelijk dooft de witte dwerg sowieso tot zwarte dwerg. We zijn al op de helft van onze evolutie.

De natuur is zeer mooi, maar u moet er wel iets bij te drinken hebben. Een natuurdocumentaire in 3D, de nieuwe wildernis. Kunst is ook zeer mooi, met mijn neus tussen jouw siliconen. Ik ben een bidsprinkhaankreeft in het diepst van mijn gedachten. Deze wereld is de beste van alle mogelijke werelden, zolang ik mijn ogen niet sluit.

Maar elke lady in mijn ledikant mag rustig een paar uurtjes de ogen toedoen. Toedoe. Lang leve lustpil Rophynol. Als ze maar voor het opkomen van de hoofdreeksster weer verdwenen zijn. Linksom of rechtsom. Ik ben geen ontbijtservice. Dit bed is niet groot genoeg voor ons beiden. Ik drink überhaupt alleen koffie in de morgen. Ik ben de monade.  

Toegegeven: ik geloof er zelf ook niets van. En zeker geloof ik niet in mezelf. Maar dit houd de boel wel lekker gaande. Voor nu.

,,